Dokters, ziekenhuizen en kinderen

Om 3pm heb ik een afspraak met dr. Paul Bertin (op zijn Frans uit te spreken) aan de ingang van het Zomba Central Hospital.

Hanne en Veerle heb ik eerst afgezet aan de dienst Immigratie want hun paspoort was vervallen. Malawi heeft de regels verscherpt voor toeristen en residenten. Voortaan moeten toeristen al na één  maand hun paspoort laten verlengen en dus ook weer betalen. Zo wordt niet alleen de schatkist gevuld maar ook hun portemonnee.

Omdat ik niet wil dat de dokter op mij moet wachten, ben ik voortijdig daar en heb ik tijd om het gebeuren dat zich afspeelt rond het ziekenhuis gade te slaan.

Ik zie wat ik er verwacht te zien, rijen wachtende mensen, zittende moeders met zogende kinderen, rolstoelen, ambulances, het ziet er allemaal zo vredig en rustig uit, maar het is gelatenheid, onmacht en overgave.

Rebelleren heeft hier geen enkele zin.

Om 3.15 pm is dr. Bertin nog niet te zien. Dat kan, hij is Congolees, heeft altijd gewerkt in oorlogsgebieden zoals Rwanda en conflictlanden zoals Sudan, dus ik weet dat tijd niet zijn sterkste eigenschap zal zijn.

Na nog even wachten, besluit ik hem te bellen. Hij zit nog in de “overdracht” en ik moet maar naar zijn afdeling “Surgical clinic” komen.

Dat wordt zoeken ook al ben ik niet echt een onbekende hier.  Ik kom er niet graag meer na wat er met Johan is gebeurd.

Als ik op zijn afdeling nog eens naar dr. Bertin (ik sprak het op zijn Engels uit) informeer, hoor ik hem zijn naam verbeteren maar zie hem zelf niet tot ik achter de ziekenhuisschermen ga kijken. Ik heb altijd wat schrik voor wat ik daar zal te zien krijgen, een patiënt die nog moet gehecht worden na een operatie of iets dergelijks.

Na even wachten, onderbreekt hij zijn werk en lijkt opgelucht dat ik hem even een “break” bezorg.

Hij is al geïnformeerd over mij en het project en dat maakt praten gemakkelijker. Hij zal me later deze week komen oppikken en samen zullen we het project gaan bezoeken. Pas dan kan hij een beslissing nemen.  Ik heb geen “nee” gehoord en ben opgetogen naar huis gereden. Alles is nog mogelijk.

Als ik thuis kom en mijn mails check, slaat de angst mij om het hart. Adriaantje, mijn kleinkind, is erg ziek. Birgit is met hem naar het ziekenhuis en ze zullen daar zeker tot het einde van de week moeten verblijven. Hij is nog maar een maand oud en heeft nog maar weinig weerstand.

Ik troost mij met de gedachte dat hij zowat in het beste ziekenhuis van België verblijft.

Maar mijn dochter Birgit baart me zorgen. Haar verzet is intussen overgegaan in gelatenheid en overgave.

Ik wil haar troosten maar hoe doe je dat op zo’n afstand.

De hele situatie met Johan komt terug boven. De machteloosheid die ik voelde, de verlatenheid omdat niemand je opvangt, de strijd met de dood, de opeenvolgende tegenslagen en het moeten afgeven van iemand die je zo lief was.

Eten en slapen zijn ineens weer van geen belang en ik begin plannen te maken om terug naar België te keren.

De nacht erop slaap ik bijna niet maar probeer de afspraken die er staan toch tot een goed einde te brengen.

Als ik de dag nadien ’s middags thuiskom en met een angstig hart mijn mailbox open en merk dat ze niet geschreven heeft, houd ik het niet langer uit thuis.

Ik stap terug in mijn wagen, neem mijn kapotte fiets en breng hem naar Africacycle waar ik hoop op wat verstrooiing terwijl ze mijn fiets een volledig nazicht geven.

Ik kom hier graag want hij behandelt mijn fiets alsof het zijn kind is, hij oliet, poetst elk onderdeel, vervangt remblokjes omdat hij ze net niet goed genoeg vindt, rijdt rondjes, nog eens aan de haak omdat hij een licht geruis hoort, terug andere remblokjes erop tot hij uiteindelijk tevreden de fiets aan mij geeft om er zelf een testrondje mee te maken.  Het is zo mooi als mensen houden van wat ze doen. Meer had ik niet nodig op dat moment om tot rust te komen.

Bijna thuis gaat mijn gsm en het is Birgit. Ik probeer aan de intonatie van haar stem te horen hoe het met Adriaan is maar de lijn is gestoord. Als ze zegt dat hij een goede nacht heeft gehad, terug goed wil eten, komen de tranen op en moet ik even aan de kant van de weg gaan staan met mijn wagen om eens goed uit te huilen.  Ineens is het leven weer mooi.

Ik had niks tegen Hanne en Veerle over Adriaantje verteld omdat ik vreesde dat ze misschien hun plannen om voor drie weken naar Mozambique te gaan, zouden afzeggen als ze niet zeker waren of ik voor een korte tijd naar België wilde gaan. Nu pas kon ik zeggen dat mijn kleinzoon ernstig ziek was geweest.

Na een heerlijke lunch in Bethel’s bookshop pikt Dr. Paul Bertin me op en rijden we gezapig (10km/h) in zijn pajero 4×4 over de zandwegentjes naar Sitima. Hij wil alles met eigen ogen zien. Als de kinderen onderweg Mieke roepen, zie ik hoe hij tevreden glimlacht, blijkbaar een bewijs voor hem dat ik tot deze gemeenschap behoor.

Hij is geïnteresseerd, stelt vragen, legt uit dat hij vroeger in zijn woonplaats in het oosten van Congo, een identieke situatie heeft gekend waar er tussen de hutjes een school werd gebouwd en een kliniekje dat nu een grote materniteit is geworden voor de ganse omgeving. Ik zie hem teruggaan in de tijd en hoop dat dit goed nieuws voor mij betekent.

Als we vertrekken zegt hij: als ik jou help, help ik deze gemeenschap, hoe kan ik zoiets weigeren.

Meer moet ik nu niet horen. De rest komt later wel.

Thuis krijg ik naar mijn voeten van Hanne en Veerle. Net nu er eens een mooie man passeerde, laat ik hen achter en ga alleen met hem op stap. Ik grap terug: “anders maak ik geen kans met jullie erbij” maar mijn geest en gevoel zijn niet zo ver om hier mee bezig te zijn.

Hanne en Veerle, ze hebben het aangedurfd een sportdag te organiseren in Sitima. Geen evidentie omdat veel leerkrachten hun energie nodig hebben om hun veld te bewerken.

Maar ze hebben dit fantastisch gedaan, iedereen was moe, iedereen was tevreden en iedereen heeft veel bijgeleerd.

Het hele sportdagverhaal lees je op www.veerleinmalawi.blogspot.com.

Intussen zijn ze vertrokken met minibusjes richting Mozambique. Ik kijk uit naar hun verhalen en zal hen zeker missen morgen als ik alleen op weg zal zijn naar Sitima.

Advertenties

~ door koenf op oktober 25, 2009.

Eén reactie to “Dokters, ziekenhuizen en kinderen”

  1. Hallo Mieke
    Petje af voor wat jij daar allemaal realiseert in Malawi. Je moet het toch maar doen, zeker nu je er heel alleen voor staat. Hopelijk gaat het ondertussen beter met je kleinzoontje.
    Hanne en Veerle vinden het leuk om met hun Afrikaanse mama op stap te gaan en jij beschouwt hen een beetje als je dochters. Fijn dat jullie het zo goed met elkaar kunnen vinden.
    Ja, Hanne en Veerle moet ik ook bewonderen om hun inzet voor die arme mensen, ik ben een trotse mama ! ’t Is weer een hele levenservaring die ze opdoen. Ze zijn ook een lichtpuntje in het leven van die mensen. Hanne voelt zich meer en meer thuis in Malawi, ze heeft het er echt naar haar zin!En als zij zich goed voelt, dan voel ik mij ook goed. Ze moet uiteindelijk toch haar eigen levensweg uitstippelen. Het voornaamste is dat ze geniet en gelukkig is !!!
    Mieke, hopelijk kan je er positief tegenaan blijven gaan, vergeet niet aan jezelf te denken! De glimlach op het gelaat van die mensen, daar doe je het voor!
    Heel veel groetjes van Liset, de mama van Hanne.
    PS. Ben benieuwd hoe die meiden het maken in Mozambique. We genieten van hun verslagen.We missen Hanne natuurlijk een beetje maar op 23 november kunnen we haar weer eens goed knuffelen.Kijk ernaar uit !!!
    Doei

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

 
%d bloggers liken dit: