belgië: van champagne tot saké

“Goedemorgen meneer, goedenavond mevrouw, daaaaag…..”.

Woorden die vervliegen met de wind, genegeerd en betekenisloos.

Enkel wat verwonderde blikken alsof ik van een andere planeet kom. Misschien is Malawi wel die andere planeet. De planeet waar iedereen iedereen groet.

Dit jaar maak ik er een punt van om te volharden in de boosheid: niemand ontsnapt aan mijn begroeting tijdens het joggen in de straten van Leuven.

Het is weer eens wat anders. Joggen in het centrum van deze universiteitsstad.

Ik ben een ochtendmens en op een onchristelijk uur laat ik de deur van mijn appartement zo zacht mogelijk in het slot vallen (er zijn nog slapers) en begeef ik me op straat.

Geen mens op straat is teveel gezegd. Beter is: geen beweging op straat. Slechts enkele studenten zitten op de stoep zwijgzaam hun kater te verwerken. Ook hier geen “goedendag”.

Lopen in het midden van pleinen en straten, het heeft wel iets, een beetje in de sfeer van Wannes Van de Velde zijn liedje “ik wil deze nacht in de strate verdwaele, de klaenk van de stad mokt m’n ziel amoureus, al eb ik gi geld oem plezier te betale, ik vind wel e vrouke nor m’n keus……. “. Anders en toch hetzelfde.

Zo ongezond mijn eerste stuk parcours is, zo gezond is het tweede luik: Abdij van Park. Mocht ik daar ooit mogen wonen… die rust, het groen, het water, de abdij….. en het konijntje.

Alsof we afspreken, steekt dit kleine konijntje telkens ik voorbij loop, op precies dezelfde plaats, snel het pad over. Wat bezielt dit diertje? Ik moet telkens denken aan het verhaal van De Kleine Prins. Straks zal ook ik dit konijntje missen.

Onverwacht heb ik vandaag een afspraakloze zondag.

Ik loop, douch, ga naar de bakker en geniet van mijn kleinkinderen Hannah en Adriaan.

Even overweeg ik nog om mijn cultuur wat op peil te brengen met een bezoek aan het M-museum maar dat idee laat ik meteen weer varen.

Het is kermis in Leuven en alle wagens mogen vanaf 9 uur deze ochtend hun kramen opbouwen. Theater op zijn best.

Met Hannah op mijn schoot installeer ik me voor het raam en volg het spektakel.

Papa Koen houdt zich bezig met Adriaan en mama Birgit is van dienst op de materniteit van Gasthuisberg. Het leven zoals het is.

Dit is genieten. Leven op een boot trekt me aan en leven op de kermis ook. Dat altijd veranderen van plaats, een beetje op reis en toch je kost verdienen. Het Panta Rei.
Als iedereen uit zijn woonwagen komt, bestudeer ik de samenstelling van de bewoners. Vaders met zonen, moeders en dochters en waar ik geen gelijkenis zie, plaats ik in de categorie schoonkinderen.

Ik zie een opa kabouter en een zoon kabouter, beiden dezelfde baard en haarinplant.

Wat opvalt is dat zowat iedereen rookt, dat ze allen met grote dure wagens rijden, goed op gewicht zijn en vooral mekaar kennen. De begroeting is hartelijk, gelijken onder elkaar.

Past een mens zich aan aan zijn omgeving of kiest een mens de omgeving waar hij zich goed in voelt. Ik maak deze bedenking voor mezelf met betrekking tot Malawi. Ik voel me goed in Malawi maar zal nooit een Malawees zijn. Uitersten zijn niet te verzoenen dus sluit ik voortdurend compromissen, het beste van twee werelden.

Het is intussen de derde keer op rij dat we (Birgit haar gezin en ik) samenwonen tijdens mijn verblijf in België.

We plannen het altijd anders maar het lukt nooit. Misschien volgende keer?

Volgende keer betekent binnen een jaar.

Alsof het niet meer dan een fait-divers is, ruil ik herinneringen voor iets onbekend, een stukje Wechelderzande voor Kessel-Lo, wordt een stuk leven opgeslagen in een container van Shurgard.

Het betekent zo weinig in vergelijking met het leven van de mensen in Malawi en toch doet het pijn. T.S. Eliot zegt dit mooi: Human kind cannot bear very much reality.

De schijnbare desinteresse die ik ondervind tijdens het lopen in Leuven staat in schril contrast met de warme ontvangst die ik mag ondervinden bij andere mensen.

De heerlijke taart, gebakken en voorzien van een prachtige foto door de zoon van de nieuwe eigenaars van een stukje Wechelderzande, de champagne die mocht vloeien tijdens een dineetje bij gelijkgestemde vrienden, de liefde en inzet van Johan zijn familie, de saké in de Japanse sushibar in gezelschap van mensen waarmee onze vzw YOCE een engagement heeft aangegaan om de gemeenschap van Sitima een betere toekomst te geven, een onverwacht boek voorzien van een persoonlijke tekst in de brievenbus,een verrassend mailtje, een etentje in l’Entrepot du Congo, Largo Dox, Zarza, Basecamp, ….. teveel om op te noemen en om nooit te vergeten.

Binnen ongeveer twee weken land ik op Chileka Airport in Malawi. Klaar voor een nieuwe periode van “vis & connais”, met andere mensen maar zonder champagne en saké.

Advertenties

~ door koenf op augustus 30, 2010.

Eén reactie to “belgië: van champagne tot saké”

  1. Hoi Mieke, ondertussen alweer ff geleden dat we samen hebben gegeten en bijgekletst in de Largo Dox. Volgende keer gaan we wel best een ronde tafel reserveren. Dat is een stuk gezelliger.
    Groetjes vanuit een koud en druilerig Belgie.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

 
%d bloggers liken dit: