dagboek 6 filip 29 juni tot 16 juli 2013

Dag 1: Zaterdag 29 juni 2013: Thuis komen

Mijn 6° reis, mijn 6° dagboek. Als ik terugblik op de voorbije jaren, dan heeft elk jaar telkens een bijzondere dimensie gehad. In 2008 was het de eerste keer hier en spijtig genoeg de enige keer dat mijnen Daddy zaliger er bij was. In 2009 de reis en het verblijf helemaal alleen ervaren, zonder Mieke en zonder mijnen Daddy. In 2010 heb ik het hier de eerste keer alleen met Mieke beleefd. 2011 was dan weer bijzonder omdat ik de reis voor het eerst niet alleen maakte, maar met Cedric en Bianca er bij. Vorig jaar was bijzonder omdat ik toen voor het eerst in oktober kwam. Ik heb hier de overgang van het droge naar het natte seizoen meegemaakt, wat trouwens ook de bijna warmste periode van het jaar is. Dit jaar is dan weer uitzonderlijk omdat mijn vriendin, Kaat, met me meereist. Een reis als koppel, is op zich steeds apart, maar deze reis is dat misschien net nog meer. Zij weet ondertussen dat Malawi een stuk van mezelf is, en ik wou echt dat ze dit deel van mezelf ook in realiteit leerde kennen. Ik ben haar dan ook dankbaar, dat ze zonder lang te hoeven nadenken, positief reageerde om samen met mij naar hier te komen. Uiteraard ben ik benieuwd naar hoe ze het zal ervaren. Ik ben benieuwd wat ze van het project zal vinden en ik ben benieuwd naar wat haar impressies zullen zijn wanneer zij met haar onbevangen blik naar deze andere wereld zal kijken. Over het verloop van onze reis valt er eigenlijk weinig te zeggen, want alles verloopt volledig volgens plan. We vliegen met Ethiopian Airlines van Brussel over Frankfurt naar Addis Abeba de hoofdstad van Ethiopië. Daar stappen we over en met een tussenstop in Lilongwe de hoofdstad van Malawi, landen we uiteindelijk in Blantyre onze eindbestemming. Daar staat Mieke ons op te wachten. In Blantyre gaan we naar het grote shoppingcentrum om de nodige inkopen te doen voor de komende drie weken en vandaar uit rijden we naar ons huis in Zomba. Ik had Kaat al gezegd dat de rit Blantyre-Zomba ongeveer 1,5 uur in beslag neemt en dat we over een spiksplinternieuwe weg naar huis zouden rijden. Ze waren immers vorig jaar al een tijdje bezig met deze weg opnieuw aan te leggen. Tja, uit vorige dagboeken weten jullie al dat niets is wat het lijkt en ook nu, was dat weer het geval. Meer dan een jaar na de aanvang van de werken, kan ik met moeite enige vooruitgang vast stellen. Erger nog, het lijkt zelfs of het nog erger is dan een jaar geleden. We zijn verplicht om een grote omweg te maken langs bochtige, smalle en hobbelige zandwegen. De rit zal uiteindelijk ook meer dan 2 uur duren. Wanneer de duisternis valt, zo rond een uur of zes, komen thuis aan in Zomba.

Dag 2: Zondag 30 juni 2013: Zondag Ku Chawe – dag + Sitima’s Sisters Match

Als naar goede gewoonte is zondag Ku Chawe-dag. Ku Chawe is het luxehotel boven op Zombaplateau, gelegen op meer dan 2000 meter hoogte en op zondag is er steeds een luxe-buffet. De tocht naar ginder is een 12 km lange col. Mijn gedachten dwalen af naar mijn eerste reis. Toen nog met onzen Daddy reden we ook naar boven. De rit liet toen nog meer dan nu een zware indruk op me na. Eén van de schrijnendste beelden vind ik het. Terwijl wij naar boven rijden, dalen mensen de berg af. Niet zomaar, nee, blootsvoets en hout op het hoofd dragend. Zelfs zonder hout op mijn hoofd zou ik de tocht blootsvoets onmogelijk aankunnen, bedenk ik. Op de bergflank wordt er aan houtkap gedaan, om dit hout dan beneden in de stad te verkopen of om het zelf te gebruiken om zich te wassen (water warmen), om eten te maken of zichzelf te verwarmen in deze voor hen koude winterperiode. Al haalt het kwik makkelijk 25°. Ik denk dat de kilo’s hout die men draagt rechtevenredig is met de leeftijd die men heeft. Jonge meisjes en jongens van een jaar of 10 met minstens 10 kg hout op het hoofd. De ouderen dragen zeker 20 tot 30 kg. Ongeveer halfweg de berg is er een bareel met een klein “taxhuisje”. Hier op dit punt moeten er belastingen betaald worden op de hoeveelheid hout die men gekapt/gesprokkeld heeft. Het erge is dat iedereen deze taxpost wil vermijden, waardoor iedereen een “shortcut” neemt langs de bergflank. Twee nefaste gevolgen van dit fenomeen; de jongens en meisjes en andere houtkappers riskeren hun leven langs de steile bergflank (zeker in het regenseizoen). Het tweede is het totale gebrek aan controle en informatie over de hoeveelheid hout die er verdwijnt. Het is heel duidelijk te zien ten opzichte van vijf jaar geleden, dat er hele bergflanken bos nu verdwenen zijn. De houtkappers denken natuurlijk niet aan de bodemerosie en de andere negatieve gevolgen van hun houtkap. Nee, daar hebben zij geen boodschap aan. Veilig beneden komen en elke dag weer overleven is het enige wat voor hen telt.

Boven geniet ik met Kaat en Mieke van het uitgebreide buffet en daarna gaan we nog naar de Sitima Sisters kijken. Meer dan de helft speelt op blote voeten, dus mijn voetbalschoenenactie komt meer dan op tijd. De Sisters winnen met 4 – 1. Ik laat Kaat ook de school zien die nu dicht is, maar morgen komen we terug en lopen er hier 200 krawietelkes rond. Ik kijk er naar uit om hen terug te zien …

Dag 3: Maandag 1 juli 2013: Meeting time in Sitima

Vandaag de eerste echte schooldag in Sitima. We komen aan rond 8u30. We zijn met de wagen, omdat we eerst in het centrum van Zomba 2 vrijwilligers van het Youth Center in Thondwe oppikken. Thondwe is een community die op een klein half uur rijden van Zomba. Deze vrijwilligers komen naar Sitima om te overleggen over de organisatie van een sportdag. Ik weet niet of het bewust is of niet, maar wanneer we aankomen, staan haast alle kinderen en leerkrachten ons buiten aan de schoolpoort op te wachten. Ik schat dat er toch meer dan 100 kinderen staan. De meerderheid roept uit volle borst Mieke! Mieke! en een minderheid roept Filipi! Filipi! Het blijft een raar zicht en een raar gevoel. Het weerzien – hoe kan het ook anders – is warm en hartelijk. Ik zeg iedereen goeiedag en stel ook Kaat – voor het gemak – voor als “my wife”. Want als ik iedereen het principe van een lief moet uitleggen, zijn we weer een dag of 2 verder denk ik. Ze zijn uitbundig blij als ze Kaat zien. Voor hen is het super belangrijk dat je niet alleen bent. Een man hoort een vrouw te hebben, zo moet het gewoon. Ze gaan echt vol uit hun dak als ik zeg dat zij mijn “Mkazi Wanga” is. Wat zoveel betekent als mijn liefste schat. Ze zijn blij voor Filipi. Om 9u stipt begint zoals afgesproken de meeting met ons Youth Center (YC) en dat van Thondwe. Op zich is het zeer uitzonderlijk dat iedereen op tijd is. Mieke begint dan ook met iedereen te bedanken voor het op tijd aanwezig zijn. Iedereen dat zijn naadt Mieke, Kaat en ik, de 4 vrijwilligers van ons YC, de 2 mensen van Thondwe, Julie en Charlotte (2 dochters van mijn nicht die hier vroeger ook al eens waren) en 2 vrienden van hen, namelijk Niels en Yentl (die hier ook al eens was). Deze laatste 4 zullen zich de komende maand vooral focussen op de werking van ons YC en onze vrijwilligers begeleiden. We vergaderen een dik anderhalf uur en het moet één van de vruchtbaarste meetings geweest zijn, die ik hier ooit in Malawi heb gehad.

Er worden 2 sportdagen vastgelegd; 1 voor outdoor games (voetbal en netbal) en 1 voor indoor games (pool, darts, schaken, tafelvoetbal en bao, een Malawees bordspel). Alles wordt besproken. de starturen, de leeftijdscategorieën, een meisjescompetitie, een jongenscompetitie en de prijzen die er zullen uitgedeeld worden. Voor de prijzen wordt er vooral naar Filipi gekeken. In Zomba hebben we nog truitjes en broekjes liggen en ik heb ook zeer mooie voetballen en volleyballen mee. Ik zeg dat de winnende community een volleybal en een voetbal krijgt en de verliezende ook, maar dat zullen we pas na de sportdag zeggen om de competitie niet te fnuiken. Winnen of verliezen, maakt voor mij niet uit. De jeugd hier even laten ontsnappen uit hun harde dagdagelijkse realiteit, daar is het ons om te doen. Ze moeten fun kunnen maken, en natuurlijk ook als ik weg ben, dus die ballen zullen nog goed van pas komen…

 

 

Dag 4: Dinsdag 2 juli 2013: Een klassieke dag in Sitima.

Vandaag was eigenlijk een zeer klassieke dag. We zijn opnieuw naar Sitima gegaan, maar vandaag met de fiets. Daar heb ik een aantal zaken besproken met de leerkrachten. Kaat heeft er mee geholpen in de keuken. Maar bovenal heb ik me geamuseerd met de kinderen van onze school. Gisteren al, riepen ze me meerdere keren achterna met flarden van mijn nazing- en nadoeliedje. Zoals jullie in vorige dagboeken hebben kunnen lezen, doe ik regelmatig wat zot met hen en lanceer ik dikwijls dat bewuste liedje. Op een kleine tekstvariatie na is dit eigenlijk al 5 jaar hetzelfde liedje, dus de oudsten van de school herinneren zich perfect een aantal strofes. Wanneer ik het nu lanceer staan er toch een dikke 100-tal mee te doen. Echt zalig, wanneer ze uit volle borst schreeuwen wanneer ik het eerst uitbrul en nog zaliger als ze met zijn 100 fluisteren, wanneer ook ik bepaalde delen eerst met gedempte stem heb voorgezegd. ’s Middags eet ik mee op het project (Nsima met visjes). De visjes waarvan sprake zijn mini-visjes van ongeveer 3 à 4 cm lang waar de kop en de staart nog aanhangt. Eigenlijk zijn die visjes echt niet te eten, omdat ze veel maar dan ook veel te zout zijn. Ik had er dan ook maar 2 gevraagd en tot mijn spijt, stel ik vast dat er 3 op mijn bord liggen. Ik slaag er in om er ééntje naar binnen te krijgen, maar moet passen voor die andere 2. Na het eten vertrekken we huiswaarts. Nu we met de fiets zijn, kijk ik er al stevig naar uit om een pint te gaan drinken in de “2 missed calls bar” mijn stamcafeetje, met de zalige bazin Margareth. Tot onze grote ontgoocheling moeten we echter vaststellen dat de bar gesloten is. We kiezen dan maar een ander cafeetje een beetje verder op de weg (voor de kenners: De Mulunguzi-bar beneden aan de berg. Daar drink ik een heerlijke Kuche Kuche. De Kuche Kuche is het Malawese bier van 3,7°. Tot vorig jaar was deze enkel in halve liter te krijgen. Maar dit jaar niet meer, vanaf nu enkel nog in flessen van 63 cl ! Al lachen, denk ik bij mezelf, “allez, de zaken gaan er hier dan toch nog op vooruit” 😉 Na de Kuche Kuche volgt de beklimming van “De Muur van Zomba”. Zij die hier al geweest zijn, weten waarover ik het heb. Het is de klim naar Miekes huis. 1,2 km lang en op de meeste plaatsen zo steil als de muur van Geraardsbergen. Ook al heb ik nog nooit zo veel gewogen als de dag van mijn vertrek. Toch slaag ik er in om op karakter en colère tot boven te fietsen zonder voet aan de grond te zetten. Een overwinning op mezelf en een eerbetoon aan mijnen Daddy wiens hart het begaf op deze berg…

’s Avonds hebben we mijn 5 schatten van zusjes uitgenodigd want Kaat maakt spaghetti Bolognese met kip vandaag. Samen met de mama komen ze toe. Ook in vorige dagboeken heb ik er al over geschreven. Het zijn echte schatjes. Ze hebben bijna niks in dit leven, maar ze zijn altijd opgewekt, ze zijn super dankbaar en lief. Kaat en ik zijn reeds naar hun “huis” geweest en hebben weer kunnen zien hoe zij in armtierige omstandigheden moeten opgroeien. We zijn beide super blij, wanneer we zien dat het hen smaakt en dat we voor hen op deze manier iets kunnen doen. Volgende maandag zal Filipi naar goede gewoonte spek met eieren voor hen maken. Ik kijk er nu al naar uit.

Usiku wa bwino! Slaapwel!

Dag 5: woensdag 3 juli 2013: Shopping in Zomba: de markt en het geld

Vandaag inkopen gedaan in Zomba-centrum. Zomba was vroeger de hoofdstad van Malawi. Zomba strekt zich uit over meerdere kilometers en kent verschillende districten met ronkende namen zoals Mulunguzi, Chinamwali en Matawale, maar wanneer je het centrum bekijkt is het op zich eigenlijk vrij eigenaardig dat dit ooit de hoofdstad was. Het centrum bestaat uit 2 geasfalteerde hoofdstraten. 1 hoofdstraat heeft een 4 à 5-tal geasfalteerde zijstraatjes, zij vormen het kloppend hart van Zomba. Achter deze straatjes ligt – op onverharde wegen – het voetbalveld op de community ground met het “Zomba Stadium”. Op de hoofdstraat en op de zijstraatjes vind je allerlei soorten shopjes en winkeltjes: loodgieterijshopje, de overdekte marktkraampjes, fietsenmaker, bakkerij, klein supermarktje, een soort apotheekje, … Op zich is dit centrum – qua grootte althans – te vergelijken met een uit de kluiten gewassen dorpskern bij ons. Waar de 2 hoofdstraten elkaar kruisen staat het enige verkeerslicht van Zomba. Vandaag ga ik met de vrouwen gaan shoppen. We hebben materiaal nodig om onze fietsen te laten herstellen, we willen desinfectie-vloeistof kopen, wat groentjes en brood. Daarna willen we ook naar de bank gaan, maar de banken liggen op de andere hoofdstraat. Wanneer we langs de overdekte marktkraampjes lopen, wijst Kaat naar boven. Ik kijk op en de rillingen lopen over heel mijn lijf. Boven op de zoldering spant zich een gigantisch web uit van een nog meer gigantische spin. Het web is in diameter zeker anderhalve meter breed. Onder het web zijn nog een aantal extra “webverdiepingen” geconstrueerd, zodat vallende beestjes ook in een tweede of zelfs derde instantie gevangen kunnen worden. Pal in het midden zit een monster van een spin, groter dan een handpalm, met zwarte, rode en gele tinten. Het blijkt de Golden Orb Silk Weaver te zijn. Mieke kent deze soort en zegt er doodleuk bij dat er aan ons huis hier in Zomba er ook ergens één moet hangen. “Vroeger hing ze aan de veranda achteraan, maar sinds kort is ze verhuisd en ik ken haar nieuwe locatie nog niet. Ik die in vroegere tijden arachnofobie heb moeten overwinnen, krijg rillingen over heel mijn lichaam. Op deze momenten wordt duidelijk dat de fobie nog niet helemaal uit mijn lichaam en geest verdwenen is.

Tijdens het winkelen worden we aangesproken door een Indiër. Hij spreekt Mieke aan en vraagt of de Azungu (=de witte) geen geld moeten wisselen, want dat hij dat kan regelen. Dat treft, geld wisselen stond vandaag ook op de agenda en de banken liggen op de andere hoofdstraat, dus als we dat hier kunnen doen, dan is dat mooi meegenomen. We lazen in de krant dat de banken vandaag tussen de 424 en 428 geven Kwacha geven voor 1 euro (exact het dubbele van 5 jaar geleden toen ik hier de eerste keer was, de inflatie is enorm) en we zeggen dus tegen de Indiër dat hij beter moet doen. I can give you 430 is zijn antwoord. Zonder verder te onderhandelen, gaan we akkoord. We gaan mee in één van de shopjes die gerund wordt door de Indiërs. Daar zit een imposante figuur, die de dikkere en jongere broer lijkt van Osama Bin Laden. Met de typische Djellaba (=Arabische kleed) aan en een joekel van een baard waar de vroegere Osama jaloers zou zijn op geweest. This is my brother zegt hij over de man die ons op straat aansprak. Volgens mij zijn het allemaal “brothers” als ze samen business kunnen doen, want de gelijkenis is er niet echt, maar goed. So you want to change 1000 euros? Yes we do. Not 2000, 3000, 4000 or 5000? No sir, 1000 is enough. Ok, the money will be here in half an hour. We zeggen dat we nu iets zullen gaan eten want het is al over half één en dat we dan binnen een uurtje terug zullen zijn. En zo geschiedde. Een uur later zijn we terug en tellen we de 430.000 kwacha op de toonbank van de Indiërs. Het blijken er 429.000 te zijn. Oeps, sorry, en die ene duizend kwacha wordt er met de glimlach bij gelegd.

Het blijft toch een andere wereld. Goed dat ik nu ook de zwarte markt in Zomba ken. Het klinkt wat raar hier, als ik het zo schrijf. We zetten samen met de Indiërs de Malawezen buitenspel en spreken toch over de zwarte markt… 😉 Soit, wat het ook zij, het was een leuke en leerrijke dag. Morgen vertrek ik met mijn Kaat op mini-vakantie. Daar kijk ik al van voor mijn vertrek enorm naar uit. Een beetje romantiek moet kunnen hé ;-)…

Dag 6, 7, 8 en 9: Van donderdag 4 tot zondag 7 juli: Onze mini-vakantie in de vakantie

Kaat en ik nemen hier een mini-vakantie in de vakantie, zoals ik het ook deed in 2011 met Cé en Binaca. We gaan 2 nachten slapen aan het meer en ik boek net als toen het 24-uren arrangement in Liwonde National Park zodat we op safari kunnen gaan. Er zijn op beide plaatsen 2 grote verschillen met 2011. Het ene verschil gebeurde gedwongen, het ander per vergissing. Het eerste verschil is dat we aan het meer verblijven in Sun ’n Sand-hotel in plaats van het gebruikelijke Nkopola Lodge. Ik ben altijd al naar Nkopola geweest, om dat het enerzijds de lodge is waar ik met onzen Daddy indertijd reeds verbleef en er zalige filosofische gesprekken met hem had en anderzijds ook omdat het vlakbij Chipoka ligt waar mijn kleine Esthertje woont. We moesten uitwijken naar Sun ’n Sand omdat Nkopola reeds volgeboekt was. Op zich was dit niet zo erg. Ter compensatie van mijn ontgoocheling niet in Nkopola te kunnen verblijven, boek ik een VIP-huisje, “frontside on the beach”. En inderdaad we krijgen een prachtig huisje aan de rand van het grote meer toegewezen. Omdat ik Esther wil zien, stappen Kaat en ik een 7 à 8 kilometer langs verscheidene vissersdorpjes van Sun ’n Sand naar Chipoka. Het is prachtig weer en we genieten van onze wandeling. We wandelen door dorpjes waar misschien nog nooit een blanke is geweest. De verwondering staat af te lezen op de gezichten van zowel jong als oud, wanneer we er zo met ons tweetjes wandelen. We genieten van de zon en van de authenticiteit van wat we zien.

Het weerzien met Esther is een blij gebeuren. Ik koop nu bijna traditiegewijs een heel winkeltje met bananen leeg. Ongeveer 80 bananen voor 800 kwacha. Ik geef 1000 kwacha en zeg tegen de vrouw dat ze het wisselgeld mag houden, haar vreugde kan niet op. De bananen worden door Esther aan de kinderen en enkele volwassenen van het dorp uitgedeeld. Daarna geven we haar heel wat kleedjes, een frisbee en 2 paar schoenen. Ze is er ongelooflijk blij mee. Omdat ik niet lang kan blijven, omdat het donker dreigt te worden, lanceer ik – ook traditiegewijs – nog snel mijn nazingliedje om dan afscheid te nemen. Bij het afscheid wel één valse noot. Ondanks ik al zoveel gegeven heb, vraagt de moeder van Esther mij nog geld. 1500 kwacha, om het transport van Esther van de school naar huis te vergoeden. Op zich een zeer ongeloofwaardig verhaal. Ik geef normaal gezien nooit zo maar geld, maar de vraag overdondert me een beetje waardoor ik haar 1000 kwacha toestop. Zoals ik vorig jaar al eens beschreef, elke Malawees ziet in elke blanke een wandelende opportuniteit en ook nu was dit dus niet anders. Achteraf heb ik er spijt van dat ik geld heb gegeven, maar goed het zij zo. Kaat en ik drinken na onze goede daden, nog een stevige cocktail in de prachtige bar van Nkopola Lodge om daarna met de taxi weer te keren naar Sun ’n Sand. De volgende dag genieten we van de zon, het eten, het zwembad en elkaar.

Op zaterdagmorgen vertrekken we dan per taxi richting Liwonde National Park. Hier gebeurde bij het boeken een kleine vergissing. Ik wilde absoluut hetzelfde doen als 2 jaar geleden, omdat ik dat heel romantisch vond. De hutjes waarin we toen sliepen waren echt mooi en tof, de ondergaande zon boven de Shire-rivier was prachtig, dit wilde ik echt ook met Kaat eens beleven. Bij aankomst geef ik aan dat ik de lodge heb geboekt. Tot mijn verbazing worden we weggeleid van de plaats waar ik 2 jaar geleden had geslapen. Ik was wat ontgoocheld, maar de ontgoocheling duurde niet lang, want wat bleek; 2 jaar geleden verbleef ik in het camp en nu dus de lodge. De lodge is soortgelijk, alleen zijn de hutten er nog mooier, groter en luxueuzer. En daarenboven heeft de lodge nog dat extra tikkeltje romantiek want de lodgehut ligt volledig in het groen met een eigen terrasje vlak aan een de Shire-rivier. In zijn soort moet dit de meest luxueuze en romantische hut zijn die je op deze aardbol kunt vinden, echt waar, niet normaal. Kaat en ik beleven er een fantastische 24-uren. We zien ontelbare dieren, tijdens onze boot-, wandel- en jeepsafari: leguanen, krokodillen, nijlpaarden, olifanten, meer dan 40 verschillende soorten vogels, enkele kleine katachtigen, apen, impala’s, okapi’s, noem maar op. Op het einde hebben we wat spijt dat we dit idyllische, luxueuze oord al zo snel moeten verlaten, maar het zij zo. We hebben er alleszins, kort en krachtig, enorm van genoten.

Dag 10: Maandag 8 juli: Feestdag in Malawi, dozen leeg maken en een pintje bij Margareth en de zusjes

Tijdens onze mini-vakantie is in Zomba het eerste deel van mijn zending met materiaal aangekomen. 11 dozen van de 17 dozen die ik verstuurde zijn aangekomen. In totaal gaat het over 238 kg materiaal. De zending bestaat hoofdzakelijk uit schoenen. Enerzijds voetbalschoenen die ik via mijn match voor Malawi en andere kanalen heb ingezameld en anderzijds loopschoenen die ik gekregen heb (via Eddy Mostinckx) van ACP. Daarnaast heb ik ook heel wat materiaal mee van de Vlaamse Atletiekliga, WRC-sport, de damesploeg van VK Ninove en ook van de joggingclub uit Oetingen. Ik kan onmogelijk iedereen opsommen die mij kledij of materiaal heeft bezorgd, want jullie zijn echt met velen, maar ik wil hier wel nog de basisschool Horizon uit Ternat en meester Wim een speciale vermelding geven. Zij hebben mij namelijk via een speciale actie een 60-tal voetbaloutfits en 60 paar voetbalschoenen voor kinderen meegegeven. En ook mijn neef Bart en zijn vrouw Kathleen wil ik expliciet vermelden omdat zij gezorgd hebben voor 500 kindertandenborstels en tandheelkundig materiaal om aan Zomba Central Hospital te schenken. Sowieso aan iedereen die zijn of haar steentje heeft bijgedragen, nen ongelooflijke dikke merci, of in naam van hen die er hier super blij mee zijn, en het oh zo nodig hebben, ZIKOMO KWAMBIRI ALIYENSE (allemaal enorm bedankt)!!!

Kaat, Mieke en ik maken de dozen leeg en sorteren alles op maat en grootte. Kaat focust zich op alle schoenen die ik mee heb. Met een structuur, een geduld en een zorgvuldigheid die mezelf vreemd is, ordent en inventariseert zij netjes alle loop- en voetbalschoenen. Ik plaag haar door te zeggen dat ze dankzij mij nu eindelijk een schoenenwinkel kan beginnen. Als ik mijn zus mag geloven, is een schoenenwinkel één van de beste plaatsen waar een vrouw kan vertoeven J. Mieke en ikzelf maken de prijzen (broekjes, T-shirtjes) klaar voor de Youth Center-competitie, aanstaande zondag in Thondwe. Na uren van sorteerwerk, hebben we wel een pintje verdiend en daarom gaan we naar de 2 missed calls-bar, mijn stamcafeetje hier. De voorbije 2 keer dat ik er ene wou gaan pakken, stonden we voor een gesloten deur, maar op deze vrije dag voor iedereen is de kans zeer groot dat Margareth open is. En ja hoor, de bar is open. Bij aankomst krijg ik een stevige knuffel en ook Kaat wordt, als mijn Mkazi Wanga, hartelijk begroet. Dit is zo één van die momenten dat ik het hier enorm spijtig vind dat ik geen Chichewa spreek of begrijp. Het is duidelijk dat we (Margareth en ik) elkaar veel willen zeggen, maar verder dan wat gebaren en gelach komen we niet. Met Mieke en Kaat geniet ik van een paar Kuche Kuche’s op de bank op het terras van het cafeetje, maar echt lang blijven, kunnen we niet, want we hebben afgesproken met de zusjes en de papa en de mama, want Filipi’s spek met eieren staan op het programma. Ik heb ook de 4 studenten (Julie, Charlotte, Niels en Yentl) uitgenodigd, zodat we er allemaal samen (we zijn met 14) een groot feestmaal kunnen van maken. Het blijkt dan ook nog eens Charlotte haar verjaardag te zijn vandaag, dus zeker reden genoeg voor een feestje.

Wanneer we thuis aankomen, staan de zusjes en de ouders reeds voor de poort. Ze kijken er dus net als ik even hard naar uit. Filipi schiet zich onmiddellijk achter het fornuis en de zusjes helpen Kaat en Mieke bij het zetten en dekken van de tafels. Wanneer een kwartiertje later de eerste pannen klaar zijn, smult iedereen naar hartelust en misschien is het wel uit elementaire beleefdheid, maar ze zeggen allemaal dat het smaakt en lekker is. Uiteindelijk bak ik 46 eieren dus echt slecht zal het wel niet geweest zijn ;-). Na het eten vraag ik aan de zusjes of er ook een chichewa-versie bestaat van “happy birthday to you” en of ze dat zouden willen zingen voor Charlotte. Mieke zegt dat deze familie elke avond samen liedjes zingt. In een wereld zonder internet, (spel)computers, gezelschapsspelen of ander vertier, wordt er nog samen gezongen. De meisjes, mama en papa zingen verjaardagsliedjes en blijven daarna maar door zingen. Er wordt zeker meer dan een half uur gezongen. Ze zingen éénstemmig en soms meerstemmig. Buiten de verjaardagsliedjes gaan alle liedjes over geloven en over God. Ze zingen echt prachtig. Het doet me denken aan de tijd dat mijnen Daddy hier nog was. Ook toen hebben we zo’n avond gehad. Ik doe mijn best om mijn tranen te bedwingen en dat lukt ook. Maar hun prachtige stemmetjes en mooie, blije gezichtjes, raken me in mijn diepste binnenste. Ook zij, die zo weinig hebben, maar zoveel vreugde, blijdschap en dankbaarheid uitstralen, zullen altijd op mij kunnen blijven rekenen. Na het eten en na het afscheid, kruipen we moe maar voldaan in ons bedje, na alweer een mooie dag. Usiku wa bwino. Good night.

Dag 11: Dinsdag 9 juli: Cadeautjes uitdelen aan de wakers en de fietsen

Nu we gisteren alles hebben gesorteerd, heb ik een beter zicht op wie ik waarmee gelukkig kan maken. Vandaag zijn de wakers aan de beurt. We hebben hier in Zomba een 4-tal wakers (Alic, Lloyd, Umali en Dave) die in een beurtrol, dag en nacht de poort bewaken. Ondanks zij niet rechtstreeks bij ons project in Sitima zijn betrokken, zijn ze toch ook zeer belangrijk, want zij zorgen voor de bescherming van Mieke die hier woont. De wakers zelf komen uit de dorpen en hebben het in deze arme wereld ook hard te verduren. Omdat zij seizoen in, seizoen uit, dag en nacht moeten waken, geef ik hen een regenjas en regenbroek die ik van de Vlaamse Atletiekliga heb meegekregen en ook een paar sportschoenen. De jassen en broeken zijn zeer mooi, nieuw en van topkwaliteit. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de mannen er – samen met hun schoenen – super fier en blij mee zijn. Naast deze cadeautjes hebben we nog een mooie verrassing voor hen. Eergisteren was één van de wakers, Dave, niet komen opdagen omdat hij problemen had met de fiets. Nu is het zo dat fietsproblemen dagelijkse kost zijn en zij weten dat een probleem met de fiets geen geldig excuus is om niet te komen werken. Als ze niet komen werken, verliezen ze sowieso hun dag/nachtgeld en als ze op een maand 2 keer niet (of te laat) komen, krijgen ze een boete. Nu hadden ze eergisteren hun beklag gemaakt dat wanneer hun fiets echt niet meer rijdt (wat nu blijkbaar bij Dave het geval was) dat ze daar toch weinig konden aan doen en dat het voor hen dan echt moeilijk en zelfs bijna onmogelijk was om op tijd te komen. Mieke en ik beseffen maar al te goed dat de fietsen hier op de zandwegen hard te lijden hebben en dat ze inderdaad hun fiets nodig hebben om te komen werken, daarom hebben we nu beslist dat ze hun fiets 2 maal per jaar op onderhoud mogen doen, voor volledige herstelling op onze kosten. Zie het als een soort werkgeversvergoeding in hun onkosten voor het transport van en naar het werk. Dus vandaag neem ik hen en hun fietsen mee naar de fietsenmaker. Dave, wiens fiets dus niet meer reed, neem ik mee op de brommer. We gaan eerst naar Sitima waar hij woont om zijn fiets op te halen. Dave maakt zich sterk dat het geen enkel probleem is om met 2 op de motor te zitten en daarbij ook nog eens zijn fiets mee te nemen, ik ben benieuwd. In Sitima aangekomen bindt Dave zijn fiets met een elastiek achter mij op het zadel van de brommer. De 2 wielen van de fiets hangen links en rechts over de brommer en Dave zet zich achter mij op het frame van zijn fiets op het zadel van de brommer. Hopla en weg zijn we. Het moet een grappig zicht geweest zijn, maar goed. Wanneer we bij de fietsenmaker zijn aangekomen, zijn ook de andere wakers er al met hun fiets. De fietsenmaker is gewoon iemand die zich naast de weg onder een boom heeft geïnstalleerd. Hij beschikt enkel over een paar tangen en sleutels en wat olie en een paar vijsjes. Per fiets wordt er een inventaris gemaakt van wat er allemaal hersteld moet worden en van wat er in het centrum moet worden aangekocht om deze herstelling uit te voeren. Daarna onderhandel ik nog met de fietsenmaker over zijn loon, om deze waslijst aan herstellingen uit te voeren. Ik krijg zijn dagprijs van 7500 kwacha naar 5000 kwacha en neem hem mee om al het materiaal in het centrum aan te kopen. Wanneer we terug aan zijn “shop” zijn aanbeland, is het alweer laat in de namiddag. Onze nachtwakers zijn in heel die tijd niet naar huis gegaan, maar zijn gewoon blijven wachten aan de rand van de weg bij de fietsenmaker. Zonder dat moeder de vrouw van iets weet, zullen zij vandaag dus niet huiswaarts keren. Het zegt iets over de positie van de man in deze wereld. Een vrouw zou zoiets niet in haar hoofd moeten halen. Soit, onze mannen zijn content en de tijdige bewaking is (hopelijk) weer voor een tijdje gegarandeerd.

Tiona na mawa. Tot morgen.

Dag 12: Woensdag 10 juli: Cadeautjes aan de Sitima Sisters

Vandaag nemen we Kaatjes schoenenwinkel mee naar Sitima. Ik heb aan Sam gevraagd dat hij alle Sitima Sisters (zowel de eerste als de tweede ploeg) moet verwittigen om na schooltijd naar onze school te komen. Naast de schoenen, neem ik ook heel wat voetbaluitrustingen mee voor de kleinste meisjes. Om het wat georganiseerd te laten verlopen, hebben we in de grote refter van Sitima aan de ene kant van elke schoenmaat een paar klaar gezet. De meisjes moeten eerst naar daar om schoenen te passen en te kijken welke maat voor hen geschikt is. Daarna krijgen ze een papiertje met hun maat op en dit moeten ze dan aan de andere kant van de refter bij de studenten gaan omwisselen. Uiteindelijk heb ik genoeg schoenen voor alle meisjes en ook voor de 2 trainers. De eerste ploeg begint met de schoenen en de kleinsten krijgen op dat moment hun voetbaloutfits. Ik kan de glimlach en de pret in hun oogjes onmogelijk beschrijven, wanneer ze één voor één een truitje van Barcelona, Real Madrid, Bodegem, Kappelle, Oetingen of Man United om hun schouders krijgen. Echt waar. Deze jongste meisjes staan nu al een tijdje in de schaduw van de eerste ploeg die het zo goed doet. Dankzij de inspanningen van jullie allemaal, heb ik hen vandaag het gevoel kunnen geven dat ze er echt bij horen. De meesten onder hen hebben totnogtoe in hun leven nog nooit een echt voetbaltruitje of laat staan een paar voetbalschoenen aan gehad. Voor de keepers is er nog een extra verrassing. Ik heb spiksplinternieuwe keeperhandschoenen van Select meegekregen van Nancy van WRC Sport. Wanneer ik zowel de grote als de kleine keeper een paar handschoenen aantrek kan hun verwondering en blijdschap niet op.

Na het uitdelen van de cadeautjes heb ik nog een meeting met de eerste ploeg van de Sitima Sisters. Omdat zij het zo goed doen, hebben zij in het voorbije jaar, bij deelnames aan lokale bekercompetities, enkele geldprijzen gewonnen. Er is in het voorbije jaar een paar keer discussie ontstaan over de bestemming van dit geld. Ook werden er een paar van onze meisjes benaderd om voor andere ploegen te gaan spelen. Over beide onderwerpen wil ik het met hen hebben. Eerst het geld. Uiteraard vinden zij dat het geld hen toekomt, want zij hebben er voor gespeeld. Ik leg hen uit dat dit totaal onmogelijk is. Enerzijds kunnen ze dit geld enkel verdienen als ploeg omdat YOCE voor hen trainers betaalt, ballen voorziet, hun transport betaalt enz. Trouwens we kunnen deze kosten enkel en alleen dragen omdat we, als YOCE, voor de meisjes specifiek worden bijgestaan door ZONTA CLUB WAASLAND. Zonder ZONTA zouden de meisjes enkel af en toe een lokale vriendenmatch kunnen spelen en niet meer de verre verplaatsingen, naar bijvoorbeeld Blantyre, kunnen maken. Ik leg de meisjes ook uit dat ze er ook rekening mee moeten houden dat ik (en de sponsoring) er niet voor altijd zullen zijn en dat ook zij moeten leren om geld opzij te zetten. Met dat geld kunnen ze dan ook eens ballen of materiaal kopen of het gebruiken voor als er zich iemand kwetst en naar de dokter moet. Ik leg hen ook nog eens uit waarom mijnen Daddy de ploeg 6 jaar geleden heeft opgericht. Niet voor het geld, maar om hen de mogelijkheid te bieden te ontspannen, om hen de mogelijkheid te bieden even uit hun harde realiteit van werken te kunnen ontsnappen en om hen de mogelijkheid te bieden om in groep plezier te kunnen maken. Uiteindelijk spreken we af dat 60% van het geld gebruikt wordt voor de ploeg en 40% onder hen zal verdeeld worden.

Dan de transferperikelen. Mieke heeft het voorbije jaar het been echt moeten stijf houden om te zeggen dat transfers verboden zijn. Ik leg de meisjes uit waarom. Ik zeg dat het hier in Malawi veel meer is dan enkel een transfer. Hier neigt het naar mensenhandel. Ik weet dat ze de meisjes van alles beloven. Zij krijgen geld, de ouders krijgen geld en hun school wordt betaald, enz. Er wordt van alles beloofd. Ik zeg dat het waar kan zijn dat ze dit allemaal krijgen, maar dat dit niet het volledige verhaal is. “There is a story behind this story”. In ruil voor dit alles moeten ze dan bij een trainer of een sponsor van die andere ploeg gaan wonen en worden ze daar in het huis ingezet als huisslaafje en worden ze verplicht om de was en de plas te doen en worden ze verplicht om met deze mannen naar bed te gaan. Ik zeg hen heel duidelijk dat ik dit nooit of te nooit zal toestaan. Ik zeg dat als het ooit gebeurt dat er één van de Sitima Sisters in deze situatie belandt omdat ze in Sitima voetbalt, dat dit met onmiddellijke ingang ook het einde van de Sitima Sisters betekent. Het is voor hen niet altijd makkelijk te begrijpen, want zij zien enkel de mooie kant van het verhaal. Daarenboven worden ze door de ouders nog vaak gepusht om zo’n transfer na te jagen. Want de ouders zien er alleen maar voordelen in. Zij krijgen geld en moeten thuis voor één iemand minder eten voorzien. Het is een harde realiteit, maar zo is het. Ik weet het niet zeker, maar ik hoop en ik denk dat door de vurigheid van mijn betoog, de boodschap toch duidelijk is aangekomen en begrepen.

Dag 13: Donderdag 11 juli: De laatste schooldag: uitdelen rapportjes

Had je me 5 jaar geleden gevraagd of de kleuters van Sitima een rapport zouden krijgen op het einde van het schooljaar, dan had ik waarschijnlijk gezegd, dat je veel kan verwachten, maar dat je niet moet overdrijven, en toch… Nu reeds voor de derde keer op rij worden er in Sitima rapportjes uitgedeeld. En pas op, dit is niet zo maar een formaliteit. Elk kind wordt individueel getest om te bekijken of het klaar is om over te gaan naar het volgende klasje of voor de grootsten van onze school of ze klaar zijn om over te gaan naar de primary school. De kleuters worden beoordeeld op een 6-tal “vakken”: Mathematics, English, Puzzle, Creativity, Drawing en Coloring. Naast de harde cijfers wordt er door de leerkracht ook op elk rapport een korte commentaar geschreven over de leerling in kwestie. Deze overhandiging van de rapportjes is een officiële gebeurtenis, waar op alle ouders worden uitgenodigd. Ik schat dat er ongeveer 150 mama’s aanwezig zijn en een 10-tal papa’s. Ik zit als eregast naast de directeur en moet net als hem een speechke afsteken. Ik zeg dat ik nu na 6 keer Sitima te bezoeken, heel duidelijk heb kunnen zien hoe de school het elk jaar beter en beter doet. Ik bedank iedereen die mee heeft geholpen om de droom van mijn vader te realiseren. In het bijzonder de directeur, de leerkrachten, de koks, de kuisploeg en madam Mieke. Tot slot bedank ik ook alle ouders om hun kinderen naar school te sturen. De school is een belangrijk element voor de kinderen in hun mentale en fysieke ontwikkeling. Ik dank hen omdat zij dus ook het belang van de school inzien. Na de speeches tonen de kinderen wat ze het voorbije jaar geleerd hebben. Sommigen zeggen het alfabet op, anderen leggen een hindernissenparcours af. Nog anderen doen dansjes of tonen aan dat ze hebben leren tellen. Daarna worden de kindjes klas per klas afgeroepen en eerst diegene met het beste rapport en zo verder. Het is mooi om te zien hoe fier de mama’s zijn wanneer hun zoon of dochter wordt afgeroepen. Sommige kinderen krijgen zelfs een cadeautje van de ouders; een pakje chips, 10 of 20 kwacha om een lolly of chips te kopen of sommigen krijgen een flesje frisdrank. Ik had nooit gedacht dat ze dit hier deden, dat er in deze arme wereld plaats was voor cadeautjes, maar des te beter natuurlijk en zeer mooi om te zien. Wanneer ik naar huis rijd ben ik bijzonder fier op wat we in Sitima gerealiseerd hebben. Mijnen Daddy zou die rapportjes en de hele ceremonie enorm gewaardeerd hebben, daar ben ik zeker van. Morgen is het de schoolreis voor de kinderen van het laatste klasje. Ook dat beloofd een enorm avontuur te worden. Ik kijk er samen met hen al naar uit. Tot morgen.

Dag 14: Vrijdag 12 juli: De schoolreis voor het grote klasje: een dag vol verwondering in Blantyre

We gaan vandaag met de oudste leerlingen van onze school (52 kinderen), de 11 leerkrachten en met de studenten naar Blantyre op schoolreis. Blantyre is de 2° grootste stad van Malawi en ligt op een 80 km van Zomba. 4 volle minibusjes brengen ons erheen. Voor de kinderen is het dus een hele reis. Wanneer ik aan één van onze leerkrachten vraag of deze kinderen eigenlijk ooit al eens in Zomba, dat op 13 km van Sitima ligt, geweest zijn, is haar antwoord veel betekenend: “Probably some of them, yes, when they had to go to the Hospital” De meerderheid van de kinderen is dus nog nooit uit de dorpen van de
zandvlakte geweest en voor hen is het busje op zich en rijden op een asfaltbaan al een avontuur. Dit is heel duidelijk wanneer wij in de stad worden opgepikt en in de minibusjes stappen. De sfeer is uitgelaten, de kinderen roepen en zingen vanwege de opwinding die hen te beurt valt. Ze kijken hun kleine oogjes uit op alles wat ze zien, echt alles wat ze zien roept die mooie kinderlijke verwondering op: grote bussen, het verkeerslicht, de kerk, de gebouwen, uiteraard ook de grote wegenwerkmachines die we meermaals kruisen op onze weg richting Blantyre. Hun oprechte blijdschap en verwondering geven me echt een super goed gevoel. Eenmaal in Blantyre aangekomen volgt de volgende verrassing voor de kleine krawietels. Ze mogen anderhalf uur spelen in een mooie overdekte speeltuin. Het is een super toffe speeltuin met 2 ballenbaden, loopbruggen, glijbanen, klimrekken, schommels, noem maar op. In het begin benaderen onze kleine jongens en meisjes alles zeer voorzichtig omdat ze dit opnieuw nog nooit hebben gezien. Sommigen durven er zelfs eerst niet goed binnen te gaan. Maar vrij snel genieten ze met volle teugen en volle energie van de speeltuigen. Zij niet alleen trouwens. Het duurt geen 10 minuten of ook alle leerkrachten, die ondanks ze groter zijn dan 1,5 m en dus eigenlijk niet binnen mogen, willen meespelen. Zelfs Joyce onze Head Mistress, van wie ik het helemaal niet verwachtte, is één van de eersten om mee de speeltuin in te duiken. Het geeft alweer aan dat ook zij uit die andere arme wereld komen en niet veel gewoon zijn. Na de speeltuin en de maaltijd (meegebracht uit Sitima) die ze in de busjes op de parking nuttigen, is de volgende halte Chileka Airport. Om 14u landt er namelijk een vlucht en om 15u vertrekt er ééntje. Daar hebben we pech want er zijn zware verbouwingen bezig aan de luchthaven waardoor we verplicht worden op de parking te blijven van waar we eigenlijk geen bal kunnen zien. Sam en ik vinden echter een wegje achteraan de parking dat leidt tot aan een hek vlakbij de landingsbaan. Ik haal iedereen op en begeleidt hen naar deze plaats van waar we het vliegtuig, dat ondertussen geland is, perfect kunnen zien. Opnieuw lopen de leerkrachten bijna sneller dan de kinderen om op deze prima plaats post te vatten. Het duurt echter niet lang alvorens een politieman ons daar komt weg halen en ons terug naar de parking stuurt L. Op de parking zelf hebben we nog een pittige discussie met de head of security om toch te proberen de kinderen een goede plaats te geven van waar ze het vliegtuig kunnen zien vertrekken, maar nee hoor de man buigt niet. Tja het zij zo, misschien is het in kader van de veiligheid wel te begrijpen. Ten slotte hebben de kinderen en de leerkrachten het vliegtuig nu toch een 10-tal minuten van dichtbij kunnen zien. Omdat we nu vroeger dan verwacht, vertrekken van op de luchthaven besluiten we een extra stop in te lassen. Het KAMUZU FOOTBALL STADIUM. Het nationale voetbalstadion van Malawi. Daar staat ons een super verrassing te wachten. We mogen niet alleen binnen in het stadion, we mogen met de kleine mannen zelfs op het terrein lopen. Dit maakt zelfs in mij het kleine kind weer wakker. De grasmat is met kunstgras aangelegd en het duurt geen 15 meter alvorens ik op mijn knieën val en mijn imaginaire goal in dit immense stadion op gepaste wijze vier. In het stadion nemen we groepfoto’s en lopen we een ererondje. Na de ontgoocheling van Chileka, zou ik dit in gepaste sporttermen de supercompensatie noemen. Iedereen geniet enorm van deze onverwachte wending van de schoolreis. Na ons ererondje is het tijd om huiswaarts te keren.

Vóór de schoolreis heb ik getwijfeld of het wel een goed idee was om ze te organiseren omdat het transport zo duur was. Voor de 4 minibusjes en 4 chauffeurs voor een ganse dag was de prijs immers 210.000 kwacha ofte 488 euro. Daar kan je in Sitima heel wat mee doen natuurlijk. Maar nu de dag voorbij is en ik de kleintjes heb zien genieten, weet ik zeker dat we de goede beslissing hebben genomen. We hebben deze kinderen een dag bezorgd die ze voor de rest van hun leven niet zullen vergeten. Op zich is dat eigenlijk onbetaalbaar…

Dag 15: Zaterdag 13 juli: Rustdag: Paardrijden op Zombaplateau en een afscheidsmaal boven in de Ku Chawe

Over vandaag kan ik kort zijn, het was Azungu-luilekkerdag. In de voormiddag werk ik mijn dagboek bij en deel ik schoenen uit aan de 5 zusjes. In de namiddag gaan Mieke, Kaat en ik naar boven op het plateau, want we hebben een uurtje paardrijden gereserveerd. Mieke had dit in het begin van ons verblijf hier eens laten vallen en het leek ons wel leuk om te doen. We doen een prachtige wandeling met de paarden boven op het plateau. Na onze wandeling trakteer ik de dames op een luxe-etentje in de Ku Chawe. Eigenlijk is het pas morgen Ku Chawe-dag, maar omdat het morgen de Youth-center-competitie is in Thondwe, moeten we hieraan verzaken, dus doen we het vandaag. We genieten vanaf het aperitief tot het dessert aan een tafeltje vlakbij het haardvuur in de bar. Het is al over half negen, wanneer we de berg weer afdalen, uitzonderlijk laat dus voor ons Malawese doen…

Dag 16: Zondag 14 juli: Mijn eerste Malawese mis en de competitie in Thondwe

Vooreerst een gelukkige verjaardag aan Joke, de zus van Kaat.

Ik heb hier tijdens de voorbije 5 jaar nog nooit de tijd genomen om eens naar de mis te gaan. Richard onze housekeeper maakt hier deel uit van een katholieke gemeenschap en ik had hem vorig jaar gezegd dat ik dit jaar ging proberen om een eredienst van zijn gemeenschap bij te wonen. Vandaag was het dus zo ver. Vooraleer Kaat en ik met de motor richting Thondwe afzakken, passeren we eerst langs de kerk van Richard. Het is gekend dat Afrikaanse missen anders zijn dan bij ons en ik was wel eens benieuwd om er zo ééntje mee te maken. En of het anders is… In de kerk zitten zowat een 150-tal mensen. Het is niet strikt gescheiden maar zowat alle mannen zitten links en ongeveer alle vrouwen zitten rechts. Vooraan staan 2 priesters. De ene (s)preekt in het Engels en de andere vertaalt alles in het Chichewa. Beide heren spreken door een micro en vooraan staan er ook twee grote knoerten van boxen die veel te veel lawaai produceren voor de op zich niet zo grote ruimte. We zitten meer dan een uur in de kerk. Wanneer we aankomen zijn de gezangen reeds bezig. Deze zullen ongeveer nog 40 minuten duren. Iedereen zingt uit volle borst mee. Tijdens de gezangen zien we soms bizarre taferelen. Mannen en vrouwen die de handen ten hemel slagen of hevig met het hoofd schudden of soms op de knieën vallen om de uiting van hun geloof via de gezangen nog wat meer expressie mee te geven. Na de gezangen beginnen de priesters te preken. Dit preken is ook totaal niet te vergelijken met het preken van bij ons. De priesters schreeuwen meer dan een half uur door de micro. Ze roepen zo hard, dat hetgeen ze zeggen vaak gewoon onverstaanbaar wordt. Af en toe krijgen de priesters respons van het aanwezige publiek op hun energieke redevoering. Net op het moment dat Kaat en ik bijna hoofdpijn krijgen van het getier stopt het preken en beginnen er weer gezangen. Op dat moment komt Richard naar ons toe en hij zegt dat we de dienst mogen verlaten omdat dit de slotgezangen zijn. Ik ben super blij dat ik het gezien heb en dat ik er bij was, maar dit signaal kwam echt geen minuut te vroeg. Van de mis vertrekken we, na nog snel iets te eten, richting Thondwe.

In een vorig dagboek vertelde ik ook al eens over Thondwe. Het is qua armoede wel maar qua uitzicht en beleving niet te vergelijken met Sitima. Het is er veel vuiler en groter en ik zie er veel meer hongerbuiken. De plaatselijke hoertjes zijn veel prominenter aanwezig en er wordt openlijk meer alcohol gedronken dan dat ik ze dat “bij ons” zie doen. De competitie is voor Sitima een groot succes. Zowel de meisjes netbalploeg (3-10), de jongens voetbalploeg onder 14 jaar (1-1 en 4-5 met penalty’s) als de oudere jongens voetbalploeg (0-1) winnen hun wedstrijd.

Na de wedstrijden krijg ik de eer om zowel aan het verliezende als aan het winnende kamp prijzen uit te delen (broekjes, T-shirts en trainingen). Beide gemeenschappen zijn er zeer blij mee. Tot slot word ook ik bedankt, met een potje pikante saus die ze zelf maken en een grote tekening.

Na alweer een mooie en leerrijke dag, keren Kaat en ik bij het vallen van de duisternis terug naar Zomba.

 

 

Dag 17: Maandag 15 juli: rustdag en de toekomstplannen

Beste lezer, vandaag heb ik niet veel meer uitgestoken. Morgen is het de laatste dag hier en ik vrees dat ik geen tijd meer ga hebben om de dag van morgen die nog in het teken staat van de Sitima Sisters op papier te zetten.

Daarom wil ik alvorens af te sluiten nog een update geven van waar we nu met het project staan en wat onze toekomstplannen zijn. We staan met YOCE voor een zeer belangrijke en grote uitdaging, namelijk de volledige overdracht van het project aan de Malawezen. Begrijp me niet verkeerd, alles wat tot nu werd gerealiseerd, werd door de Malawezen zelf gerealiseerd en onderhouden. Maar wij (vooral Mieke eigenlijk) hebben in de voorbije 6 jaren veel ideeën aangereikt, alles gecontroleerd en vooral alle financiële stromen aangeleverd en beheerd. Zowel operationeel als financieel moeten onze Malawese vrienden nu gaan leren op eigen benen te staan. De school realiseren zoals ze er nu staat, is een huzarenstukje geweest, maar wie Afrika wat kent, weet dat het uit handen geven van dergelijke projecten en de lokale bevolking op eigen benen leren staan, een nog veel grotere uitdaging is dan het bouwen van de school zelf.

In alle vergaderingen die ik hier dit jaar heb gehad, is de boodschap heel duidelijk geweest. Wij verwachten nu dat zij het heft in handen nemen. Op zich is dit geen keuze maar een gedwongen noodzakelijkheid. Noch Mieke, noch ikzelf zullen eeuwig blijven leven, dus die overdracht die moet er sowieso komen. Ik heb hen, samen met Mieke, uitgelegd dat de begeleide overgang nu naar hun volledige zelfstandigheid de enige mogelijke en juiste weg is voor een leefbaar Sitima op lange termijn. We streven naar een volledige operationele en financiële onafhankelijkheid van de lokale gemeenschap op een termijn van 3 jaar, maar in ons achterhoofd beseffen we beide wel dat 5 jaar waarschijnlijk een meer realistische schatting is. Zeker voor wat het financiële gedeelte betreft. Operationeel kan alles relatief snel gaan. Vanaf 1 januari 2014 zal Mieke bewust een stap opzij zetten en zullen de Malawezen het operationeel allemaal zelf moeten regelen. Dit komt er vooral op neer dat ze zelf hun week-/maandplanningen moeten opmaken en onder elkaar zullen moeten uitmaken wat er moet gebeuren en wie daarvoor verantwoordelijk zal gesteld worden. Voor het financiële plaatje zullen zij nog steeds kunnen rekenen op zeer strakke budgetten die wij voor hen maandelijks zullen beschikbaar stellen. Zo zal 2014 een jaar worden van operationele onafhankelijkheid en zal het hoogstwaarschijnlijk een jaar worden waarin de lokale bevolking fouten zal maken en zal moeten leren zichzelf bij te sturen.

In tussentijd gaan we samen met de lokale bevolking op zoek naar manieren waarop zij voor zichzelf financiële middelen kunnen genereren. Vandaag zijn er trouwens al een aantal manieren waarop zij geld verdienen; zij verhuren een deel van de school voor opslag van maïs en rijst, zij verhuren de muziekinstallatie die we hen hebben geschonken voor de organisatie van trouwfeesten, ze kopen rijst wanneer de prijzen relatief laag zijn om deze op andere momenten aan betere prijzen op de markt te brengen, zij hebben een biljart waar voor het spelen een kleine bijdrage gevraagd wordt, er komen een paar keer per jaar toeristen (groepen van Joker-reizen) tegen betaling in onze school slapen, …

Samen met de lokale bevolking, met Mieke en haar kinderen zullen we in de komende periode dus bekijken hoe we deze inkomstenbronnen kunnen versterken of uitbreiden. Mogelijkheden zijn een naai-atelier, huisjes bouwen die ze kunnen verhuren, het uitbreiden van het aantal bezoeken door toeristen, opstarten van wat veeteelt, …

Binnen 3 tot 5 jaar moeten de inkomstenbronnen, waarvan de opstart nog door YOCEvim gefinancierd zal worden, toelaten voldoende geld te genereren om elke dag aan de 200 kindjes eten te geven en alle lonen van leerkrachten, cooks en cleaners te betalen. Stap voor stap zullen we onze vrienden in Sitima vragen om zelf meer in te staan voor een deel van het financiële plaatje, opdat ze zo hopelijk binnen 3 à 5 jaar op eigen benen kunnen staan.

Dat zijn de plannen. Zo op papier lijkt het allemaal eenvoudig, maar in deze wereld die zo anders is dan de onze, in deze wereld vol armoede, waar niets is wat het lijkt, in deze wereld wordt dit dus onze grootste uitdaging.

Ik hoop beste lezers en sympathisanten dat jullie samen met ons deze uitdaging willen aangaan en ons ook zullen blijven steunen in de jaren die nu nog volgen, maar daar heb ik alle vertrouwen. Ik hoop ook dat jullie van dit dagboek wat hebben kunnen genieten en dat het jullie op een bepaalde manier toch (weer) wat meer inzicht heeft gegeven in waarmee YOCEvim hier bezig is.

Tot slot wil ik nogmaals mijn dankbaarheid uitdrukken aan jullie allemaal, sympathisanten, schenkers en sponsors van YOCEvim. Zonder jullie steun zou het voor ons onmogelijk zijn om al het moois wat we hier doen, te realiseren. Echt, dikke merci. ZIKOMO KWAMBIRI !

Advertenties

~ door koenf op augustus 5, 2013.

Eén reactie to “dagboek 6 filip 29 juni tot 16 juli 2013”

  1. Filip, ik heb jouw dagboek gelezen.
    Het blijft en is een mooi project.
    Jullie hebben gelijk, stilaan overdragen, uit handen geven, loslaten, vertrouwen dat ze door jullie voorbeeld, enthousiasme erin slagen, hun leven verder uit te bouwen, te verbeteren en menswaardiger te maken.
    De geest van jouw Daddy is en blijf er.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

 
%d bloggers liken dit: